Zonovergoten landschappen zijn al lang een inspiratiebron voor fotografen, maar sommige van de meest spectaculaire opnamen ooit zijn gemaakt aan de andere kant van het weerspectrum. Op 26 april 1884 was A.A. Adams de eerste persoon die ooit een tornado fotografeerde toen die door Anderson County in Kansas, Verenigde Staten, trok. Velen beschouwen Adams als een van de allereerste stormjagers.

Vandaag de dag wijden fotografen hun hele carrière aan het najagen van wilde en wonderbaarlijke weersverschijnselen, van dubbele regenbogen tot schitterende zeeën met golven. Let wel, je hoeft je geen overlevingspakket bij je te hebben om aan weerfotografie te doen. Het enige wat je echt nodig hebt, is je smartphone, een paar comfortabele schoenen en een goede waterdichte jas.

  1. Aanbevolen camera-uitrusting voor weerfotografie
  2. Hoe fotografeer je heldere zonnige dagen?
  3. Hoe fotografeer je zeestormen?
  4. Hoe fotografeer je regenbogen?
  5. Hoe fotografeer je stormwolken en bewolkte luchten?
  6. Hoe fotografeer je bliksem?
  7. Hoe fotografeer je regenachtige taferelen?
  8. Hoe fotografeer je sneeuw?

Aanbevolen camera-uitrusting voor weerfotografie

Je kunt fantastische weerfoto’s maken met elke camera of telefoon, maar voor de beste resultaten kun je overwegen een DSLR- of moderne spiegelloze camera te gebruiken die je volledig handmatig kunt bedienen. Je hebt ook een groothoeklens nodig, zoals een 10 mm prime-lens of 18-55 mm-zoomlens om zoveel mogelijk van de scène vast te leggen. Zoomlenzen zijn praktischer voor het maken van opnamen bij slecht weer, omdat je ze, in tegenstelling tot prime-lenzen, niet zo vaak hoeft te vervangen en het risico loopt dat er water of vuil in je camera komt.

Voor de ultieme gemoedsrust gebruik je een camera en/of lens met weersbestendige afdichting, waarmee je een robuustere uitrusting hebt voor opnamen in slecht weer. Natuurlijk zijn veel smartphones tegenwoordig waterdicht, waardoor ze perfect zijn voor weerfotografie.

Je hebt ook een statief nodig om je telefoon of camera vast te houden tijdens lange belichtingen (vooral als je bliksem wilt fotograferen).

Fotografietips voor alle weeromstandigheden

Hoe fotografeer je heldere zonnige dagen?

Superzonnige dagen zijn ontegenzeggelijk prachtig, maar ze kunnen verrassend moeilijk zijn om te fotograferen. Soms is er gewoon te veel licht, terwijl je op andere dagen donkere schaduwen ziet die te contrastrijk zijn om onder controle te houden. Dit is vooral het geval in de stad. Als je portretten van je partner of (klein)kinderen probeert te maken, ga dan naar de schaduw waar het licht zachter en flatterender is. Of dat nu onder een bladerdak van bomen is of in een beschut steegje of straat, je zult zien dat je veel betere portretten of detailopnamen kunt maken met een beetje schaduw. Maar als je echt het beste uit zonnige dagen wilt halen, ga dan naar het park, het strand of de bergen bij jou in de buurt. Gebruik een kleine diafragmaopening, zoals f/11 of f/16, om zo veel mogelijk landschapsfoto’s scherp te krijgen. Met een groothoeklens, zoals 10 mm of 18 mm, leg je meer van je scène vast en krijg je een gevoel van de grootte. Je smartphonecamera is hier ook perfect voor, aangezien de meeste camera’s een brandpuntsafstand van ongeveer 28 mm hebben.

Hoe fotografeer je zeestormen?

De meeste mensen mijden het strand als het ‘slecht’ weer is, wat voor ons fotografen een groot voordeel is. Een bezoek aan de kust tijdens een storm betekent niet alleen dat je de wilde kustlijn kunt vastleggen, maar ook dat je de hele plek voor jezelf hebt. Neem een groothoeklens mee, zoals een 10 mm of 18 mm, of gebruik je telefoon die een perfecte brandpuntsafstand heeft voor het fotograferen van zeegezichten. Zo krijg je een zo groot mogelijk deel van het zeegezicht in beeld, dus zowel de lucht als de zee. Je kunt ook een telelens gebruiken (vanaf 100 m) om in te zoomen op afzonderlijke golven en het breken ervan vast te leggen. Gebruik een snelle sluitertijd van ongeveer 1/500 of sneller om de beweging van de golven te ‘bevriezen’. Of gebruik een langere sluitertijd van 1/50 en langer om bewegingsonscherpte in je foto’s te brengen en de beweging van de oceaan te laten zien.

Bonustip: wees creatief met je zeestormfoto’s door details op te nemen. Zoek naar surfers op de golven, vogels die erboven vliegen of schepen aan de horizon. Voeg wat strandleven toe aan je voorgrond, zoals silhouetten van wandelaars of honden.

Hoe fotografeer je regenbogen?

Wat is er mooier dan een regenboog aan de hemel spotten? Het is een van de mooiste natuurtaferelen op aarde, maar het is niet altijd de makkelijkste om te fotograferen. Begin met het maken van een kader voor je foto. Gebruik een groothoeklens, zoals 10 mm of 18 mm, om de hele regenboog vast te leggen, of zoom in en probeer één uiteinde van de regenboog wat gedetailleerder in beeld te brengen. Bedenk wat je op de voor- of achtergrond kunt plaatsen om je foto interessanter te maken en een idee van de grootte te geven. Houd de ISO zo laag mogelijk (niet hoger dan 400 bij fel zonlicht) en gebruik een klein diafragma zoals f/11 of zelfs f/16 om ervoor te zorgen dat alles scherp is. Maak zo veel mogelijk foto’s, zo snel als je kunt, want regenbogen blijven niet lang hangen!

Bonustip: overweeg te investeren in een polarisatiefilter, die je op je cameralens kunt bevestigen om de kleuren en helderheid van je regenboogfoto’s te helpen verbeteren.

Hoe fotografeer je stormwolken en bewolkte luchten?

Stormachtige luchten resulteren altijd in donkere en stemmige foto’s en kunnen bijzonder indrukwekkend zijn wanneer ze in zwart-wit worden gefotografeerd. Het belangrijkste bij het fotograferen van dit soort scènes is dat je ook een interessant onderwerp op grondniveau hebt. Dit kan een landelijk dorp of een boerderij zijn, een silhouet van je (klein)kind of partner, of zelfs een dier zoals een paard of je hond. Om zoveel mogelijk details in de wolken te krijgen, gebruik je een klein diafragma zoals f/8 of f/10, zodat zowel de wolken als het onderwerp op grondniveau scherp zijn.

Bonustip: bewolkte luchten zorgen voor prachtig zacht en diffuus licht, wat perfect is voor het maken van buitenportretten.

Hoe fotografeer je bliksem?

Een bliksemschicht vastleggen die door de nachtelijke hemel knalt, is het ultieme doel voor veel natuurfotografieliefhebbers. Voor de beste opnamen heb je een statief nodig en een camera die je in de volledig handmatige modus kunt zetten. Je kunt ook een foto-app als Manual Camera DSLR gebruiken om volledige controle te krijgen over de instellingen van je telefooncamera, dus je hebt geen professionele DSLR- of spiegelloze camera nodig.

Begin met het opstellen van je camera of telefoon op een statief, zodat je zowel de grond als de lucht in het kader kunt zien. Je zou kunnen denken dat je een ultrakorte sluitertijd nodig hebt om bliksem te fotograferen, maar in werkelijkheid is langer beter. Zet je ISO zo laag mogelijk (rond 100 of 160) en kies een diafragma van f/16. Kies dan een sluitertijd van vijf seconden en maak een testopname. Blijf foto’s nemen tot je een bliksemschicht ziet flitsen terwijl je camera de foto neemt. Als je foto te donker is, probeer dan een nog langere sluitertijd; sommige van de beste bliksemfoto’s zijn gemaakt met een sluitertijd van 30 seconden!

Hoe fotografeer je regenachtige taferelen?

Regen kan je foto’s heel wat sfeer geven, of je nu landschappen of portretten fotografeert. Je hebt natuurlijk een soort bescherming voor je camera of telefoon nodig om te voorkomen dat deze nat wordt, en een goed waterdicht jack. Een paraplu is ook een goed idee, omdat je die over jezelf en je camera kunt houden om droog te blijven tijdens het fotograferen.

Gebruik handmatige scherpstelling om te voorkomen dat je camera focust op de regendruppels die zich het dichtst bij de lens bevinden. Het is ook leuk om met je sluitertijd te spelen. Met een lange sluitertijd zoals 1/25 maak je de regen onscherp en krijg je echt dramatisch uitziende landschappen, terwijl je met een kortere sluitertijd zoals 1/250 of 1/500 de regendruppels in de lucht kunt bevriezen. Dit kan beter zijn voor het maken van portretfoto’s in de regen, omdat je onderwerp dan nog steeds zichtbaar is op de foto.

Bonustip: ga creatief aan de slag met het fotograferen van weerspiegelingen in plassen. Dit kan een fantastische manier zijn om interessante gebouwen in een stad te fotograferen.

Hoe fotografeer je sneeuw?

Van portretten tot landschappen, het fotograferen van sneeuw kan magische foto’s opleveren, maar het is verrassend lastig om ze goed te krijgen. De helderheid die wordt veroorzaakt door de weerkaatsing van sneeuw kan je camera in de war brengen en de kleuren een beetje vreemd doen overkomen. Daarom is het een goed idee om de witbalans van je camera of telefoon aan te passen voordat je begint met fotograferen. Je camera of telefoon heeft waarschijnlijk een speciaal witbalansprofiel voor sneeuw (zoek naar het sneeuwvloksymbool). Dan is het tijd om je instellingen aan te passen. Begin met een lage ISO-waarde van 400 of lager en een diafragma van ongeveer f/8 of f/11 om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk van je scène scherp is. Gebruik een korte sluitertijd van 1/500 of sneller om de beweging van de sneeuwval te bevriezen of, als je een statief hebt, maak het langzamer tot ongeveer 1/25 om bewegingsonscherpte te introduceren en de sneeuwvlok te laten zien die uit de lucht valt. Het kan zijn dat je foto’s er te donker uitzien. Dit komt doordat de schittering van de sneeuw de camera in de war brengt. Probeer in dat geval de belichtingscompensatie met +1 te verhogen (of de helderheid te vergroten als je je telefoon gebruikt).

Bonustip: sneeuwvlokken zijn gewoonweg spectaculair als je ze van dichtbij fotografeert. Zoom zo dicht mogelijk in of gebruik een speciale macrolens om zoveel mogelijk details vast te leggen.

Vergeet niet dat het geheim van het maken van mooie weerfoto’s is om gewoon zo veel mogelijk naar buiten te gaan. Alles wat je nodig hebt is je telefoon of camera en de juiste kleding. Moeder Natuur zorgt voor de rest!

Bekijk onze blog voor meer fotografietips en creatieve inspiratie!

Reacties