Scherptediepte: één object scherp, of alles scherp?

Ken je die foto's waarop 1 object mooi scherp is en de achtergrond wazig? Dat heet scherptediepte. Dit kun je zelf ook instellen op je camera, en dat is niet moeilijk. Wat je nodig hebt is een camera met de stand 'Av' (Canon) of 'A' (Nikon). Met scherptediepte laat je als fotograaf zien dat je weet waar je mee bezig bent. Jij bepaalt waar de focus in je foto ligt. Dat levert krachtige beelden op.

1. Eén object scherp? Diafragma open! (bijv. f/5.6)

Deze beide foto’s hebben een kleine scherptediepte: links is de voorste fles scherp, rechts is de achterste fles scherp. Zo maak je deze foto’s: zet je diafragma helemaal open, bij de meeste camera’s is dat stand F5.6. Stel scherp op de voorste fles. Je ziet nu dat de achterste fles wazig wordt. Focus je op de achterste fles, dan wordt de voorste wazig. Deze foto heeft kleine scherptediepte. Wat ook helpt is inzoomen. Kleine scherptediepte gebruik je vooral voor portretfoto’s, of dit soort beelden waarin je één onderwerp wilt accentueren.

2. Alles scherp? Diafragma dicht! (bijv. f/36)

Dit is grote scherptediepte: beide flessen zijn scherp in beeld. Zo maak je deze foto: draai je diafragma helemaal dicht, bijvoorbeeld naar stand f/36. Nu wordt alles scherp, dus zowel de voorste als de achterste fles. Deze foto heeft grote scherptediepte. Een grote scherptediepte gebruik je vooral voor landschapsfoto’s.
Update je browser hier

We hebben Albelli.nl gebouwd met de nieuwste technologie. Hierdoor is de website sneller en gemakkelijker te gebruiken. Helaas ondersteunt de versie van je browser deze technologieën niet. (download Google Chrome)